|
|
|
|
maandag, 28 oktober (2002)
Vooruitgang laat zich moeilijk sturen
"Liefje, je hoeft toch niet te huilen? Kom op zeg, zo erg is het allemaal niet." Mama en papa waren ontboden op school. Om over jou te praten. Over je vooruitgang. Juffrouw Tiny legde het ons uit. Je wil wel, maar lang niet altijd. Bij lange na niet eerlijk gezegd. En je kunt ook wel, dat is wel duidelijk, alleen ook niet altijd. Bij lange na niet zogezegd. Het gesprek op school was niet onverdeeld positief. Of eigenlijk wel, het is namelijk maar hoe je het bekijkt. Mama was nogal geschrokken. Papa moest stilletjes terug denken aan vroeger. Aan hoe hij zelf was toen hij jou leeftijd had. Hoe het leven zo verschrikkelijk langzaam leek te gaan. En het vol zat met wonderen. Alleen, het is niet Papa die nu jong is, maar jij. En het is jij die toch een beetje meer in het gareel moet gaan lopen. Vanavond hebben we dus na de ouderavond nog een ouderavond gehad. Met z'n drietjes hebben we besproken hoe we je aan gaan pakken. Hoe we gaan sturen en vooral: waar naar toe. De traantjes van Mama waren snel gedroogd toen ze begreep dat Papa nog verder wegfladderde dan jij. En we hebben met z'n allen hartelijk moeten lachen toen Mama van haar fladderavonturen vertelde. Donderdag gaan we beginnen. Met moeten en mogen, en vooral met nu en niet straks. Want tijd is een rekbaar begrip, alleen op Papa's leeftijd een stuk minder. |
|
|
|